Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Testen van gepersonaliseerde interventies gericht op herstellen van de darmflora in ME/CVS

Symptomen bij patiënten met ME/CVS kunnen ontstaan door verschillende factoren. En 1 van deze factoren is dat de darmflora niet meer in balans is. Hierdoor verandert de stofwisseling in de darmen en komen belangrijke functionele stoffen minder goed bij andere organen in het lichaam terecht. Het doel van dit project is om laboratoriummodellen van de darmen te ontwikkelen. Met deze modellen worden ingrepen getest gericht op het verbeteren van de darmbacteriën en hoe dit kan helpen voor het hele lichaam. Het project is een samenwerking tussen het ME/CFS Lines consortium en het NMCB-consortium. De resultaten worden gekoppeld aan andere metingen binnen de twee consortia.  

Doel

Het doel van dit project is om de samenstelling van de darmflora te onderzoeken. Daarnaast worden verschillende interventies buiten het lichaam onderzocht met een laboratoriummodel gericht op het herstellen van de darmflora. De onderzoekers hopen de volgende vragen te beantwoorden:

  • Welke typen laboratoriummodellen kunnen we ontwikkelen om de darmflora van ME/CVS- patiënten buiten het lichaam te bestuderen?
  • Wat gebeurt er in deze laboratoriummodellen als we interventies doen om de darmflora te herstellen?
  • Welke stoffen (metabolieten) worden aangemaakt door de bacteriën in de darmen van mensen met ME/CVS, zowel in het lab als tijdens de behandeling?
  • Hoe beïnvloeden de stoffen (metabolieten) de barrière van de darmwand in een laboratoriummodel?
  • Hoe kunnen de klinische data gekoppeld worden aan de gegevens uit de laboratorium data, zodat de juiste interventie voor elke groep patiënten ontwikkeld kan worden om de darmflora te herstellen?

Aanpak/werkwijze

Dit project start met een diepgaande analyse van de darmflora bij ME/CVS-patiënten en is een gezamenlijk project van ME/CFS Lines en NMCB. Hiervoor worden informatie en protocollen gebruikt die beschikbaar zijn in het ME/CFS Lines consortium. Tegelijkertijd wordt gewerkt aan het ontwikkelen van laboratoriummodellen. Hiervoor zijn monsters van de ontlasting nodig. Tijdens het afnemen van het monster worden speciale verzamelbuisjes gebruikt, zodat de vitaliteit van de darmflora behouden blijft. 

De monsters worden verzameld binnen een groep van 100 ernstig zieke ME/CVS-patiënten. Daarnaast wordt een andere onderzoeksgroep ingezet binnen het NMCB-consortium. Dit om 150 monsters in te zamelen van ME/CVS-patiënten met een verschillende mate van ernst van de ziekte en 150 monsters van gezonde vrijwilligers. Naast het verzamelen van monsters worden biomedische metingen verricht en informatie opgehaald via vragenlijsten. Zo wordt onderzocht wat de rol is van de darmflora in de relatie tot symptomen die ME/CVS-patiënten ervaren. De ingezamelde monsters vormen de basis voor de laboratoriummodellen. Hierin blijft de samenstelling van darmflora vergelijkbaar met in het lichaam. 

Er worden 2 modellen gebruikt om onderzoek te doen. Het eerste model, dat het meest wordt gebruikt, heet het i-screen model. Hiermee worden bepaalde eigenschappen van de bacteriën die hierin groeien gemeten en hoe ze reageren op bijvoorbeeld probiotica en prebiotica.

Het tweede model heet het InTESTine™ model. Hierbij wordt darmweefsel gekweekt in een speciale opstelling. Hiermee wordt onderzocht hoe de darmwand werkt en hoe de stoffen die door de bacteriën worden gemaakt, invloed hebben op het darmweefsel. 

Samenwerkingspartners

Het project is een samenwerking tussen het ME/CFS Lines consortium en het NMCB-consortium. Het multidisciplinaire onderzoeksteam is daarnaast een samenwerking tussen onderzoekers van de Nederlandse Organisatie voor toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek (TNO), Rijksuniversiteit Groningen, UMCG, en expertise vanuit arbeid en gezondheid bedrijfsgeneeskunde. Ook wordt internationaal samengewerkt met de Universiteit van Wenen. De rol van ervaringsdeskundigen met ME/CVS is belangrijk in dit project. Daarom zijn vertegenwoordigers van 3 ME/CVS-patiëntenorganisaties betrokken: MECVS Nederland, ME/cvs vereniging en de steungroep ME en Arbeidsongeschiktheid. De onderzoekers hebben regelmatig contact met patiënten(vertegenwoordigers) bij de voorbereiding, tijdens, en na het onderzoek. 

(Verwachte) resultaten

Binnen dit project worden laboratoriummodellen ontwikkeld, waarbij de samenstelling van de darmflora van ME/CVS-patiënten representatief is voor de samenstelling in de dikke darm. Met de laboratoriummodellen worden verschillende interventies getest gericht op het herstellen van de darmflora. Het onderzoek zal laten zien welke interventie effect heeft op de samenstelling van de darmflora en welke interventie effect heeft op de productie van stoffen (microbiële metabolieten). Ook kunnen de resultaten inzicht geven in de verschillen tussen ME/CVS-patiënten op basis van hun darmflora en de laboratoriummodellen. Dit kan helpen om een interventie, gericht op het herstel van de darmflora, op maat te maken voor elke patiënt en om de koers te bepalen voor patiënt-gerichter klinisch (vervolg)onderzoek.

Kenmerken

  • Projectnummer:
    10091012410011
  • Looptijd: 13%
    Looptijd: 13 %
    2025
    2029
  • Gerelateerde programma's:
  • Gerelateerde subsidieronde:
  • Projectleider en penvoerder:
    dr. T.P.M. Scheithauer
  • Verantwoordelijke organisatie:
    TNO